


In 1935 bedacht de natuurkundige Erwin Schrödinger een
revolutionaire vergelijking voor de basis van de moderne quantummechanica
die zich, integenstelling tot de klassieke natuurkunde, beweegt in de (sub)atomaire
wereld.
Een van de meest vreemde regels van de quantummechanica is dat de dingen,
zoals subatomaire deeltjes, zich tegelijkertijd in twee verschillende toestanden
kunnen bevinden. Alleen wanneer je een deeltje gaat meten, vervalt het in
één van de twee toestanden.
Naar aanleiding hiervan kwam Schrödinger met het volgende gedachten-experiment. ->>